Tanja Visser Natuurdiëtist & Integraal Voedingstherapeut

Voel je goed: voed je goed!

Natuurlijke Voeding en Zwangerschap

Hieronder vind je meer informatie over natuurlijke voeding vlak voor en tijdens de zwangerschap

Artikel 1: Oxidatieve stress en mannelijke vruchtbaarheid deel 1
Artikel 2: Oxidatieve stress en mannelijke vruchtbaarheid deel 2
Artikel 3: Zwangerschapsvergiftiging voorkomen
Artikel 4: Interview voeding en vruchtbaarheid vakblad Folia Orthica 2012 

Artikel 4: Interview voeding en vruchtbaarheid Folia Orthica 2012

Klik hier voor het interview

 

Artikel 1: Oxidatieve stress en mannelijke onvruchtbaarheid deel 1

De laatste paar jaren wordt door diverse onderzoeken steeds duidelijker dat oxidatieve stress een belangrijke rol speelt bij onvruchtbaarheid van de man. Naar schatting kampt 30-80% van de onvruchtbare mannen met oxidatieve stress. Leefstijlfactoren, zoals bewegen, roken, alcoholgebruik, overgewicht en anti-oxidanten in de voeding hebben invloed op de hoeveelheid oxidatieve stress en daarmee de vruchtbaarheid. In dit artikel wordt dieper ingegaan de relatie tussen oxidatieve stress en onvruchtbaarheid en de risicofactoren. In deel 2 komen de onderzoeks- en behandelmogelijkheden aan bod.

Eén op de 6-7 stellen is ongewenst kinderloos. Bij de helft van het aantal stellen is dit te wijten aan vruchtbaarheidsproblemen bij de man. Nieuwe onderzoeksresultaten suggereren, dat oxidatieve schade aan spermacellen bij 30-80% van de onvruchtbare mannen een grote rol speelt. Oxidatieve stress ontstaat wanneer de hoeveelheid reactieve zuurstofdeeltjes (ROS) de natuurlijke anti-oxidantcapaciteit van het lichaam overstijgt. Deze ROS worden geproduceerd door spermacellen zelf en leucocyten (witte bloedcellen) in de zaadvloeistof. ROS beschadigen het celmembraan en de mitochondrieën (energiefabriekjes) van de zaadcel. Hierdoor vermindert de motiliteit (bewegelijkheid) van de zaadcel en het vermogen om de eicel binnen te dringen en te fuseren. Daarnaast kunnen ROS het DNA van spermacellen beschadigen. Dit wordt in verband gebracht met een verstoorde ontwikkeling van de blastocyst, een embryonaal ontwikkelingsstadium, waarbij de gevormde holte wordt begrensd door een enkele laag cellen.


ROS en leucocyten

Bij zowel vruchtbare als onvruchtbare mannen worden leucocyten in de zaadvloeistof gevonden. Deze afweercellen helpen bij het vernietigen van schadelijke micro-organismen door de productie van ROS. Het is dan ook niet verwonderlijk dat leucocyten in de zaadvloeistof een belangrijke bron van oxidatieve stress zijn. Hoe meer leucocyten, hoe hoger de ROS-productie. Echter sommige onderzoekers zagen geen verschil in de hoeveelheid leucocyten in de zaadvloeistof tussen vruchtbare en onvruchtbare mannen. Niet alleen de hoeveelheid, maar ook de activiteit van de leucocyten speelt een rol. Hoe meer ROS de leucocyten producten hoe meer onstekingsbevorderende cytokines, zoals interleukine 6, interleukine 8 en tumor necrose factor alfa er in de zaadvloeistof worden gevonden.

ROS en spermacellen

Hoe meer ontwikkeld (rijp) spermacellen zijn, hoe minder ROS ze produceren. Onrijpe zaadcellen produceren aanzienlijk meer ROS dan rijpe zaadcellen. Bij de aanmaak van ROS in de zaadcel is het enzym NOX-5 betrokken. Het is nog onduidelijk of de overexpressie van dit enzym in spermacellen van onvruchtbare mannen verantwoordelijk is voor de oxidatieve stress in de zaadcel.

Anti-oxidanten en oxidatieve stress

Het lichaam heeft diverse strategieën ontwikkeld om zaadcellen te beschermen tegen oxidatieve stress. De zaadcel en de zaadvloeistof beschikken over zowel enzymatische als niet-enzymatische anti-oxidanten om zich te beschermen tegen ROS. De belangrijkste enzymatische anti-oxidanten zijn SOD (Superoxide Dismutase), katalase en GPX (glutathion peroxidase). Er is een verband aangetoond tussen in ieder geval verminderde katalase-activiteit en GPX-activiteit en onvruchtbaarheid bij mannen.
Daarnaast bevat zaadvloeistof de niet-enzymatische anti-oxidanten vitamine C, E, glutathion, taurine, albumine, carnitine, carotenoïden ,flavenoïden, uraat en prostasomen (extracellulaire organellen). Anti-oxidanten in de zaadvloeistof beschermen duidelijk de spermacel tegen oxidatieve schade na de ejaculatie. Echter tijdens de spermavorming en de opslag in de testikels moeten de zaadcellen het zonder de bescherming van de anti-oxidanten in het zaadvocht doen. Zaadcellen zijn daarom extra gevoelig voor schade tijdens deze periodes. Een substantieel aantal onderzoekers hebben significante reductie gemeld in niet-enzymatische anti-oxidantactiviteit in de zaadvloeistof van onvruchtbare t.o.v. vruchtbare mannen.

Oorzaken van oxidatieve stress

Maar wat zijn nu de risicofactoren voor het ontwikkelen van oxidatieve schade aan de zaadcel?
Hierbij spelen verschillende factoren een rol: Afwijkingen zonder aanwijsbare oorzaak, door medisch ingrijpen veroorzaakte afwijkingen, leefstijl, milieu, infecties, auto-immuun- en inflammatoire aandoeningen, afwijkingen in de testikels en chronische ziekten.
Onder de eerst genoemde factor valt teratospermie, een aandoening waarbij het zaad te veel afwijkingen aan de kopvorm heeft.
Het gebruik van vruchtbaarheidstechnieken, zoals IVF en IUC en medicatie, zoals cyclofosfamide (chemotherapie), maar ook aspirine en paracetamol kunnen de oxidatieve stress in de zaadcel verhogen. Bij vruchtbaarheidstechnieken wordt het zaad d.m.v. centrifugeren gescheiden van de zaadvloeistof. Het zaad is dan niet langer beschermd door het anti-oxidantrijke zaadvocht. Ook het invriezen van sperma verhoogt de oxidatieve stress.

Leefstijl
De leefstijl heeft veel invloed op de hoeveelheid oxidatieve stress. Roken, onvoldoende inname van anti-oxidantrijke voeding, alcholgebruik, excessen in de hoeveelheid beweging, overgewicht en psychische stress verhogen de oxidatieve stressbelasting van de zaadcel. 

Roken
Rokers hebben 48% meer leucocyten en 107% meer ROS in hun zaadvocht dan niet rokers. Daarbij is de concentratie van anti-oxidanten, zoals vitamine C en E in het zaadvocht verlaagd.

Nutriëntentekorten
Diverse tekorten aan voedingsstoffen worden door onderzoekers in verband gebracht met oxidatieve schade aan spermacellen. Zo wordt er een verband gelegd tussen de vitamine C inname en de spermacelconcentratie en de vitamine E inname en de hoeveelheid bewegelijk, actief sperma. Bij lage concentraties vitamine C in zaadvocht wordt er meer beschadigd DNA in de zaadcel gevonden.

Alcoholgebruik
(Excessief) alcoholgebruik verhoogt de aanmaak van systemische oxidatieve stress. Bovendien is de voeding van veel alcoholisten arm aan anti-oxidanten.

Lichaamsbeweging
Bij zowel een tekort als een overmaat aan lichaamsbeweging stijgt de productie van ROS. In knaagdiermodellen is er een verband gezien tussen overmatige lichamelijke inspanning en een verlaging van de hoeveelheid en bewegelijkheid van spermacellen en verhoogde oxidatieve stress in de testikels.

Overgewicht
Mannen met overgewicht produceren meer oxidatieve stress. Het vetweefsel maakt ontstekingsbevorderende cytokines vrij, die op hun beurt de productie van ROS door leucocyten verhogen. Bovendien zorgt het ophopen van vetweefsel in de schaamstreek ervoor dat de temperatuur in de testikels toeneemt. Een hogere testikeltemperatuur wordt in verband gebracht met verhoogde oxidatieve stress en een verminderde zaadkwaliteit.

Milieu
Diverse stoffen in het milieu hebben een relatie met oxidatieve stress en onvruchtbaarheid. Enkele voorbeelden zijn phtalaten, bestrijdingsmiddelen, het conserveermiddel zwaveldioxide, luchtverontreinigingen en zware metalen. Phtalaten zijn chemische stoffen die worden gebruikt als weekmakers in plastic. Ze komen voor in verpakkingen voor voedingsmiddelen en cosmetische producten. Phtalaten komen het lichaam binnen via de voeding, huid of de luchtwegen en kunnen de aanmaak van sperma remmen en het DNA beschadigen. Zwaveldioxide (E-220) wordt als conserveermiddel gebruikt in o.a. gedroogde zuidvruchten, aardappelproducten, vruchtensaus en –siroop, wijn, vruchtentoetjes, limonadesiroop en gekruide sauzen.

Infecties
Recidiverende infecties van de urinewegen, gebit of de geslachtsorganen zorgen voor chronische ontstekingsreacties met  een vergrote instroom van ROS-producerende  leucocyten in de geslachtsorganen. Zo worden bij Clamydia en Herpes simplex infecties verhoogde oxidatieve stress-waarden in sperma gevonden. Systemische infecties, zoals HIV, hepatitis B en C, malaria en tuberculose verhogen de hoeveelheid systemische oxidatieve stress. Bij HIV wordt bijvoorbeeld een verhoogde hoeveelheid leucocyten en leucocytenactiviteit gezien. Bij hepatitis B en C is de spermamotiliteit verminderd.

Auto-immuun en inflammatoire aandoeningen
Hieronder vallen auto-immuun- en ontstekingsreacties bij chronische, niet bacteriële prostatitis en hersteloperaties na een vasectomie (doorsnijden van de zaadleider).

Afwijkingen in de testikels
Verhoogde oxidatieve stress komt voor bij o.a. een aderbreuk in de testikel, niet ingedaalde zaadballen en een verdraaide zaadleider.

Chronische ziekten
De volgende chronische ziekten worden in verband gebracht met verhoogde oxidatieve stress van het sperma: 
diabetes, chronische nierziekten, beta-thalassemie en afwijkingen in de homocysteïnehuishouding.
Door diabetes vermindert de aanmaak van sperma en gaat het vermogen om een erectie te krijgen achteruit. Ook hebben diabetische mannen een hoger niveau van DNA-schade van de spermacel.
Bij problemen in de homocysteïnehuishouding hoopt zich de stof homocysteine op door een tekort aan vitamine B of een defect in het MTHFR-gen. Deze veel voorkomende afwijking zorgt voor ontstekingsreacties in het lichaam en kan zo allerlei organen beschadigen, zoals hart- en bloedvaten, gewrichten, hersenen en zenuwen. Een verhoogd homocysteïnegehalte in het bloed kan leiden tot dysfunctie van de geslachtsorganen en oxidatieve stress in de testikels. Bij verschillende onderzoeken werd gezien dat bij onvruchtbare mannen er veel vaker afwijkingen in de homocysteïnehuishouding voorkomen dan bij vruchtbare mannen.

Samengevat:

In deel 1 van dit artikel werd de relatie besproken tussen oxidatieve stress en onvruchtbaarheid bij mannen. De diverse risicofactoren voor oxidatieve schade aan de zaadcel kwamen aan bod. Zo kon je kon lezen hoe roken, onvoldoende inname van anti-oxidantrijke voeding, alcholgebruik, excessen in de hoeveelheid beweging, overgewicht en psychische stress de oxidatieve stressbelasting van de zaadcel verhogen.

In deel 2 wordt er dieper ingegaan op de onderzoeks- en behandelmogelijkheden met speciale aandacht voor voedingsinterventies.

Meer informatie

Meer praktische informatie over natuurlijke voeding en vruchtbaarheid voor man én vrouw kun je vinden in de brochure Natuurlijke voeding bij een kinderwens en voor gezondheidsprefessionals in de Syllabus Natuurlijke voeding bij een zwangerschap(swens), te bestellen via mijn webshop www.dieetcare-webshop.nl.

Referenties
Agarwal A, Said TM, Oxidative stress, DNA damage and apoptosis in male infertility: a clinical approach. BJU Int 2005;95:503-507.
Agarwal A, Sharma RK, Nallella KP, Thomas AJ Jr, Alvarez JG, Sikka SC,Reactive oxygen species as an independent marker of male factor infertility. Fertil Steril 2006;b 86:878-885.
Aitken RJ, West K, Buckingham D Leukocytic infiltration into the human ejaculate and its association with semen quality, oxidative stress, and sperm function. J Androl1994;15:343-352.
Alkan I, Simsek F, Haklar G, Kervancioglu E et al  Reactive oxygen species production by the spermatozoa of patients with idiopathic infertility: relationship to seminal plasma antioxidants. J Urol 1997;157:140-143.
Bezold G, Lange M, Peter RU Homozygous methylenetetrahydrofolate reductase C677T mutation and male infertility. N Engl J Med 2001;344:1172-1173.
Dandekar SP, Nadkarni GD, Kulkarni VS et al Lipid peroxidation and antioxidant enzymes in male infertility. J Postgrad Med 2002;48:186-189. discussion 189–190.
Eskenazi B, Kidd SA, Marks AR et al Antioxidant intake is associated with semen quality in healthy men. Hum Reprod 2005;20:1006-1012.
Fenster L, Katz DF, Wyrobek AJ et al  Effects of psychological stress on human semen quality. J Androl 1997;18:194-202.
Forges T, Monnier-Barbarino P, Alberto JM et al. Impact of folate and homocysteine metabolism on human reproductive health. Hum Reprod Update 2007;13:225-238.
Fraga CG, Motchnik PA, Shigenaga MK et al Ascorbic acid protects against endogenous oxidative DNA damage in human sperm. Proc Natl Acad Sci USA 1991;88:11003-11006.
Fraga CG,  Motchnik PA, Wyrobek AJ et al Smoking and low antioxidant levels increase oxidative damage to sperm DNA. Mutat Res1996;351:199-203.
Fujii J, Iuchi Y, Matsuki S et al Cooperative function of antioxidant and redox systems against oxidative stress in male reproductive tissues. Asian J Androl2003;5:231-242.
Gambera L, Serafini F, Morgante G et al Sperm quality and pregnancy rate after COX-2 inhibitor therapy of infertile males with abacterial leukospermia. Hum Reprod 2007;22:1047-1051.
Garrido N, Meseguer M, Alvarez J et al Relationship among standard semen parameters, glutathione peroxidase/glutathione reductase activity, and mRNA expression and reduced glutathione content in ejaculated spermatozoa from fertile and infertile men. Fertil Steril 2004;b 82(Suppl 3):1059-1066.
Gurbuz B, Yalti S, Ficicioglu C et al  Relationship between semen quality and seminal plasma total carnitine in infertile men. J Obstet Gynaecol 2003;23:653-656.
Hauser R, Meeker JD, Singh NP et al.  DNA damage in human sperm is related to urinary levels of phthalate monoester and oxidative metabolites. Hum Reprod 2007;22:688-695.
Koch OR, Pani G, Borrello S et al. Oxidative stress and antioxidant defenses in ethanol-induced cell injury. Mol Aspects Med2004;25:191-198.
Lee HC, Jeong YM, Lee SH et al Association study of four polymorphisms in three folate-related enzyme genes with non-obstructive male infertility. Hum Reprod 2006;21:3162-3170.
Lewis SE, Sterling ES, Young IS et al. Comparison of individual antioxidants of sperm and seminal plasma in fertile and infertile men. Fertil Steril1997;67:142-147.
Meng Z, Bai W Oxidation damage of sulfur dioxide on testicles of mice. Environ Res2004;96:298-304.
Mostafa T, Tawadrous G, Roaia MM et al. Effect of smoking on seminal plasma ascorbic acid in infertile and fertile males. Andrologia2006;38:221-224.
Saleh RA, Agarwal A, Sharma RK  et al. Effect of cigarette smoking on levels of seminal oxidative stress in infertile men: a prospective study. Fertil Steril2002;a 78:491-499.
Song GJ, Norkus EP, Lewis V. Relationship between seminal ascorbic acid and sperm DNA integrity in infertile men. Int J Androl 2006;29:569-575.
Therond P, Auger J, Legrand A et al.Alpha-tocopherol in human spermatozoa and seminal plasma: relationships with motility, antioxidant enzymes and leukocytes. Mol Hum Reprod 1996;2:739-744.
Tremellen, K, Human Reprod. Update, 2008 May-Jun;14(3):243-58 Epub 2008 Feb 14.

 

Artikel 2: Oxidatieve stress en mannelijke onvruchtbaarheid deel 2

In deel 1 van dit artikel werd de relatie besproken tussen oxidatieve stress en onvruchtbaarheid bij mannen. De diverse risicofactoren voor oxidatieve schade aan sperma kwamen aan bod. Zo kon je lezen hoe roken, onvoldoende inname van anti-oxidantrijke voeding, alcholgebruik, excessen in de hoeveelheid beweging, overgewicht en psychische stress de oxidatieve stressbelasting van de zaadcel verhogen.
Hier in deel 2 wordt er dieper ingegaan op de onderzoeks- en behandelmogelijkheden bij oxidatieve onvruchtbaarheid met speciale aandacht voor leefstijl- en voedingsinterventies.


Onderzoeksmogelijkheden

De meest gebruikte test voor het vaststellen van oxidatieve stress van de spermacel is de meting van de hoeveelheid malondi-aldehyde (MDA) in de zaadvloeistof en het sperma. Bij onvruchtbare mannen met oxidatieve stress is zowel de concentratie MDA in zaadvocht als spermacellen verhoogd. Deze tests worden helaas niet routinematig bij vruchtbaarheidsafdelingen in ziekenhuizen (nog) gedaan.
Daarnaast is het mogelijk om de MDA-spiegel in het bloed te bepalen. Dit is een goede indicator voor systemische oxidatieve stress, de hoeveelheid oxidatieve stress in het hele lichaam. Wanneer deze waarde verhoogd is, wil dit niet zeggen dat de waardes in sperma en –vocht ook automatisch verhoogd zijn. Maar de kans is natuurlijk wel groter dan bij een normale waarde. De MDA-waarde in het bloed is te meten via je arts of natuurdiëtist bij een aantal particuliere laboratoria in Nederland.
Ook zijn er indirecte manieren om oxidatieve stress bij sperma vast te stellen. Dit kan d.m.v. analyses van de zaadvloeistof die routinematig in elke vruchtbaarheidsafdeling van een ziekenhuis worden gedaan. Hierbij wordt gekeken naar de pH, zaadcelconcentratie, motiliteit van de zaadcel, het aantal abnormaal gevormde zaadcellen, de viscositeit (stroperigheid) en de aanwezigheid van andere cellen. Bij onvruchtbare mannen met oxidatieve stress is er vaak sprake van een verminderde totale hoeveelheid spermacellen, verminderde motiliteit én een verminderde concentratie goed gevormde spermacellen. De beste marker voor oxidatieve stress is wel de aanwezigheid van te grote hoeveelheden onvoldoende bewegelijk zaad. Verder blijkt er een positief verband te bestaan tussen de hoeveelheid minder bewegelijk zaad en de hoeveelheid geoxideerd sperma DNA. Tenslotte gaat hyperviscositeit (te stroperig) zaadvocht vaak samen met een verhoogde waarde MDA en verlaagde waardes anti-oxidanten in het zaadvocht.


Behandelmogelijkheden

Wanneer duidelijk is dat onvruchtbaarheid bij de man het gevolg is van oxidatieve stress, is het belangrijk om de onderliggende oorzaken te achterhalen. Er kan dan een op maat gesneden behandelplan worden opgezet. Allereerst dienen, indien mogelijk, de onderliggende ziektes en afwijkingen te worden behandeld. Denk hierbij bijvoorbeeld aan de behandeling van diabetes, chronische infecties, zware metalenbelasting en chronische nierziekten. Daarnaast kunnen een gezonde leefstijl, voeding en het gebruik van anti-oxidanten een belangrijke bijdrage leveren aan het verhogen van de vruchtbaarheid.
Hieronder volgen 12 tips ter verlaging van oxidatieve stress bij onvruchtbaarheid. Voor meer achtergrondinformatie over de werkingsmechanismen van deze maatregelen zie ook deel 1 van dit artikel.


12 Oxidatieve stress verlagende tips ter ondersteuning van de mannelijke vruchtbaarheid:

1.Rook niet en gebruik geen alcohol.

2.Vermijd het regelmatig gebruik van paracetamol en aspirine.
Gebruik je deze medicatie op doktersadvies overleg dan met je behandelend arts.

3.Beweeg dagelijks, maar vermijd overmatige inspanning.

4.Zorg voor voldoende ontspanning.
Dit aangezien psychische stress oxidatieve stressverhogend werkt.

5.Voorkom overgewicht.
Gebruik een regelmatige, natuurlijke, gezonde voeding met een lage glycemische lading. Dit voorkomt een verstoorde insulinehuishouding en hiermee de aanmaak van ontstekingsbevorderende, oxidatieve stress verhogende stoffen. Zie voor meer informatie www.natuurdietisten.nl.

6.Vermijd zoveel mogelijk contact met milieuverontreinigingen.
Het gaat vooral om bestrijdingsmiddelen, phtalaten en zware metalen.
● Eet zoveel mogelijk biologisch voedsel. Biologische producten worden zonder bestrijdingsmiddelen geteeld.
● Gebruik zelf geen onkruidbestrijdingsmiddelen en insectenwerende chemische middelen in huis en tuin.
● Gebruik natuurlijke verzorgingsproducten zonder belastende phtalaten en parabenen. Phtalaten zijn chemische stoffen die worden gebruikt als weekmakers in plastic. Ze komen voor in verpakkingen voor voedingsmiddelen en cosmetische producten. Phthalaten kunnen de aanmaak van sperma remmen en het DNA beschadigen.
● Vermijd zoveel mogelijk voedsel verpakt in plastic, blik en met plastic beklede kartonnen pakken. Verpakkingsplastic kan schadelijke phtalaten bevatten. Neem liever onverpakte of in papier of glas verpakte producten.
● Kom je via je werk in aanraking met belastende stoffen, zoals bij tandheelkundige behandelingen, verven, lassen en metaal bewerken? Bescherm je dan goed met de juiste kleding en apparatuur.

7.Voorkom oververhitting van de testikels.
Ga niet te lang in de sauna en neem niet te lang warme baden.
Gebruik luchtige en goed ventilerende kleding.

8.Houd het homocysteïne beneden de 6
Een verhoogd homocysteïnegehalte is een risicofactor voor onvruchtbaarheid bij mannen én vrouwen. Laat daarom uw nuchtere homocysteïnegehalte in het bloed bepalen. Dit kan via uw arts of natuurdiëtist. Een waarde boven de 6 duidt op een verhoogd risico op oxidatieve stress. Hoe hoger de waarde hoe hoger het risico. Een verhoogd homocysteïnegehalte wordt behandeld met suppletie van o.a. vitamine B2, B6, B12 en foliumzuur en een homocysteïneverlagende voeding. Een natuurdiëtist kan je hierin adviseren en begeleiden.

9.Vermijd voedingsmiddelen met zwaveldioxide.
Zwaveldioxide (E 220) wordt als conserveermiddel gebruikt in o.a. gedroogde zuidvruchten, aardappelproducten, vruchtensaus en –siroop, wijn, vruchtentoetjes, limonadesiroop en gekruide sauzen. In biologische producten mag geen zwavel worden gebruikt. Biologische producten zijn daarom vrij van zwaveldioxide. Een uitzondering hierop is biologische wijn, waarin wel kleine hoeveelheden van dit conserveermiddel mag worden gebruikt.

10.Let op de manier waarop je je eten klaarmaakt.
Bij bakken, braden, grillen, frituren en roerbakken komen veel vrije radicalen vrij. Kook, blancheer, pocheer, stoom, stoof of smoor uw eten liever. Wil je toch een keer bakken, braden, grillen, frituren of roerbakken? Gebruik dan bij voorkeur milde olijfolie, kokosolie, roomboter, ghee of high oleïc zonnebloemolie. Deze vetten zijn het beste bestand tegen verhitting.

11.Gebruik een anti-oxidantrijke voeding
Om de zaadcel te beschermen tegen oxidatieve stress heeft het lichaam voldoende anti-oxidanten nodig. De belangrijkste anti-oxidanten voor de zaadcel zijn superoxide-dismutase (SOD), katalase, glutathionperoxidase (GPX), vitamine C en E, glutathion, taurine, carnitine, carotenoïden en flavonoïden.
Voor de vorming van SOD zijn onder meer koper en zink en GPX glutathion en selenium nodig. Rijk aan deze voedingsstoffen zijn o.a. ongebrande noten en zaden, volle granen, uien, knoflook, asperge, avocado, schelp- en schaaldieren.
Rijk aan vitamine C zijn vooral koolsoorten, citrusfruit, bessen en aardappels. Belangrijke bronnen van vitamine E zijn volkorenproducten, ongebrande noten en zaden, tarwekiemen en koudgeperste olie van noten, zaden en tarwekiemen.
Taurine en carnitine komen vooral voor in vlees en vis.
Rijk aan carotenoïden zijn oranje, geel en rood gekleurde groenten- en fruitsoorten, zoals rode, gele en oranje paprika, wortel, pompoen, gele courgette, appel, abrikoos, perzik en citrusfruit. Deze voedingsmiddelen bevatten ook veel flavonoiden. Andere bronnen van flavonoiden zijn bijvoorbeeld bessen, druiven, groene thee, uien en allerlei soorten kruiden en specerijen, zoals knoflook, rozemarijn, geelwortel en gember.
Samengevat:
● Ga je te buiten aan groenten en fruit.
● Gebruik volle granen en volkorenproducten. 
● Vul je voeding verder aan met mager biologisch vlees, vis, ongebrande noten en zaden en wat koudgeperste olie.
● Maak je eten royaal op smaak met kruiden en specerijen (als u deze verdraagt).

12.Vul de voeding aan met anti-oxidanten.
Veel kleine, niet placebo-gecontroleerde onderzoeken rapporteren een significante verbetering in totale spermaconcentratie, motiliteit en hoeveelheid goed gevormd sperma door gebruik van anti-oxidanten. Deze positieve resultaten moeten echter nog bevestigd worden door grotere, placebo gecontroleerde studies. Ook moet onderzoek nog meer duidelijkheid geven over met welke anti-oxidanten in welke doseringen de beste resultaten te verwachten zijn.

Anti-oxidanten, waarbij tot nog toe veelbelovende positieve resultaten zijn geboekt zijn: astaxanthine, carnitine en een combinatie van acteylcysteïne, beta-caroteen, vitamine E en essentiële vetzuren. Deze voedingsstoffen blijken direct de hoeveelheid ROS in zaadvocht te verlagen. In een 3 maanden durende gerandomiseerde, placebogecontroleerde studie werd het ROS-verlagende effect vastgesteld van 600 mg vitamine E per dag. Verder liet een ander placebogecontroleerd onderzoek met een combinatie van 400 mg vitamine E en 225 microgram selenium of 300 mg vitamine E alleen een verlaging van het MDA-gehalte in sperma zien. Tenslotte gaf het gebruik van 1 gram vitamine C en vitamine E in een goed opgezet gerandomiseerd, placebo-gecontroleerd onderzoek een significante daling in DNA-schade van spermacellen. Dit resultaat werd bevestigd in een niet placebo-gecontroleerde studie met een combinatie van 400 mg vitamine C, 400 mg vitamine E, 18 mg beta-caroteen, zink en selenium of een combinatie van acetylcysteïne, 180 mg vitamine E, 30 mg beta-caroteen en essentiële vetzuren.


Veel relatief slecht opgezette studies tonen het positieve effect aan van anti-oxidanten op de totale hoeveelheid sperma en de hoeveelheid goed gevormd sperma. Dit wordt niet bevestigd in de meeste goed opgezette onderzoeken. De enige parameter die in goed opgezette studies verbeterde was de sperma-motiliteit. Suppletie van carnitine, selenium, vitamine E, selenium samen met vitamine E, glutathion en astaxanthine gaven in een aantal goed opgezette studies een lichte, maar significante verbetering in motiliteit van het sperma.
Veel studies bevestigen dus dat anti-oxidanten de zaadkwaliteit kunnen verbeteren. Echter minder helder is nog of deze stoffen ook het vermogen hebben om de kans op een zwangerschap te verhogen. De onderzoeker Suleiman en collega’s  rapporteerden al in 1996, dat suppletie met vitamine E resulteerde in verminderde oxidatieve stress van sperma en meer spontane zwangerschappen in de 6 daarop volgende maanden. In 2007 werd d.m.v. een gerandomiseerd placebo gecontroleerd onderzoek vastgesteld, dat het gebruik van een anti-oxidantformule 3 maanden vooraf aan een IVF-ICSI behandeling de kans op een zwangerschap vergrootte. De anti-oxidantformule bestond uit een combinatie van vitamine C en E, selenium, lycopeen, zink, selenium, foliumzuur en knoflook.

Al hoewel er nog meer onderzoek nodig is naar het gebruik van anti-oxidanten bij oxidatieve onvruchtbaarheid, lijkt het gebruik van deze therapeutische maatregel veel belovend. Het meeste effect is te verwachten van een combinatie van diverse anti-oxidanten samen met een gezonde eet- en leefstijl.

Meer informatie

Voor meer informatie en een persoonlijk advies kun je terecht bij een natuurdiëtist gespecialiseerd in voeding bij een kinderwens.
Meer praktische informatie over natuurlijke voeding en vruchtbaarheid voor man én vrouw vind je in de brochure Natuurlijke voeding bij een kinderwens en voor gezondheidsprofessionals in de syllabus Natuurlijke voeding bij een zwangerschap(swens). Deze brochure en syllabus zijn te bestellen via mijn webshop www.dieetcare-webshop.nl.


Referenties:
Agarwal A, Nallella KP, Allamaneni SS, Et al. Role of antioxidants in treatment of male infertility: an overview of the literature. Reprod Biomed Online 2004;8:616-627.
Comhaire FH, Christophe AB, Zalata AA et al. The effects of combined conventional treatment, oral antioxidants and essential fatty acids on sperm biology in subfertile men. Prostaglandins Leukot Essent Fatty Acids2000;63:159-165.
Comhaire FH, El Garem Y, Mahmoud A et al. Combined conventional/antioxidant ‘Astaxanthin’ treatment for male infertility: a double blind, randomized trial. Asian J Androl 2005;7:257-262.
Gambera L, Serafini F, Morgante G et al. Sperm quality and pregnancy rate after COX-2 inhibitor therapy of infertile males with abacterial leukospermia. Hum Reprod 2007;22:1047-1051.↵
Holford P. , Braly J., The H-factor, Piatkus 2003
Holford P., Balance your hormones, Piatkus, 2011
Keskes-Ammar L, Feki-Chakroun N, Rebai T et al. Sperm oxidative stress and the effect of an oral vitamin E and selenium supplement on semen quality in infertile men. Arch Androl2003;49:83-94.
Kessopoulou E, Powers HJ, Sharma KK, Pearson MJ et al. A double-blind randomized placebo cross-over controlled trial using the antioxidant vitamin E to treat reactive oxygen species associated male infertility. Fertil Steril1995;64:825-831.
Lenzi A, Sgro P, Salacone P, A placebo-controlled double-blind randomized trial of the use of combined l-carnitine and l-acetyl-carnitine treatment in men with asthenozoospermia. Fertil Steril2004;81:1578-1584
Menezo YJ, Hazout A, Panteix G et al. Antioxidants to reduce sperm DNA fragmentation: an unexpected adverse effect. Reprod Biomed Online 2007;14:418-421.
Rolf C, Cooper TG, Yeung CH et al. Antioxidant treatment of patients with asthenozoospermia or moderate oligoasthenozoospermia with high-dose vitamin C and vitamin E: a randomized, placebo-controlled, double-blind study. Hum Reprod1999;14:1028-1033.
Suleiman SA, Ali ME, Zaki ZM et al. Lipid peroxidation and human sperm motility: protective role of vitamin E. J Androl 1996;17:530-537.↵
Tremellen K, Miari G, Froiland D et al. A randomised control trial examining the effect of an antioxidant (Menevit) on pregnancy outcome during IVF-ICSI treatment.Aust N Z J Obstet Gynaecol 2007;47:216-221.
Vicari E, Calogero AE.  Effects of treatment with carnitines in infertile patients with prostato-vesiculo-epididymitis. Hum Reprod 2001;16:2338-2342.
Vicari E, La Vignera S, Calogero AE. Antioxidant treatment with carnitines is effective in infertile patients with prostatovesiculoepididymitis and elevated seminal leukocyte concentrations after treatment with nonsteroidal anti-inflammatory compounds. Fertil Steril 2002;78:1203-1208.
Waal Malefijt de M., Visser T., Het energieherstelplan, Schors 2008.

 

Artikel 3. Zwangerschapsvergifting voorkomen

Pre-eclampsie

Pre-eclampsie is een ziektebeeld dat optreedt in 3 tot 8% van de zwangerschappen. Pre-eclampsie kan leiden tot ernstige complicaties bij moeder en kind. Wat is de relatie tussen voeding en pre-eclampsie en wat kun je doen om dit ziektebeeld te voorkomen?

Verhoogde bloeddruk en eiwitverlies

Pre-eclampsie is een ziektebeeld waarbij de centrale kenmerken verhoogde bloeddruk en eiwitverlies in de urine zijn. Het treedt op na de 20e week van de zwangerschap en kan als het niet wordt behandeld overgaan in eclampsie of zwangerschapsstuipen. Pre-eclamspie en eclampsie kunnen leiden tot ernstige complicaties bij de moeder, zoals het HELLP-syndroom, bloedingen of ruptuur van de lever, longoedeem, Acute Respiratory Distress Syndroom (ARDS), nierfalen en overlijden. Bij de baby kan het overlijden voor de bevalling, vroeggeboorte en groei-achterstand veroorzaken. Op de lange termijn blijken vrouwen na het doormaken van pre-eclampsie bovendien een hogere kans te hebben op postnatale bloedingen, een verhoogde bloeddruk, hart- en vaatziekten, diabetes mellitus, neurologische aandoeningen en vroegtijdig overlijden.

Laaggradige ontstekingsreactie

Meerdere factoren lijken een rol te spelen bij het ontstaan van pre-eclampsie en eclampsie. Tijdens de zwangerschap is er normaal gesproken al sprake van een laaggradige, systemische ontstekingsreactie. Deze is verder verhoogd tijdens pre-eclampsie. De gevolgen van deze laaggradige ontstekingsreactie voor het lichaam zijn o.a. een verstoorde endotheelfunctie (vaatwandfunctie), activatie van leucocyten (witte bloedcellen), bloedplaatjes en de bloedstolling en een verhoogde productie van vrije radicalen en insuline-resistentie. 
Factoren die het risico op pre-eclampsie en eclampsie verhogen zijn o.a. een:
1.Tekort aan vitamine D en calcium
2.Hoog homocysteïnegehalte
3.Oxidatieve stress
4.Tekort aan omega-3 vetzuren
5.Verhoogde verhouding tussen omega-6 en omega-3 vetzuren
6.Overgewicht
7.Hyperinsulinisme, insulineresistentie en diabetes-type 2
8.Roken

Vitamine D

Vitamine D blijkt een belangrijke rol te spelen in het ontstaan en beloop van pre-eclampsie. Vrouwen met een vitamine D-spiegel < 50 nmol/L en een verhoogde hoeveelheid bijschildklierhormoon in het bloed (een gevolg van vitamine D-insufficiëntie) hadden een bijna drie maal hogere kans om preeclampsie te ontwikkelen. Vrouwen die een vroeg optredende, ernstige preeclampsie ontwikkelen hebben lagere vitamine D-spiegels dan gezonde vrouwen. Bij vrouwen met vroeg optredende, ernstige preeclampsie gaat een tekort aan vitamine D gepaard met een grotere groeiachterstand bij het kind. Een tekort aan vitamine D (<75 nmol/L) gaat gepaard met een hogere systolische en diastolische bloeddruk bij vrouwen met zwangerschapsdiabetes.

Calciumtekort

Diverse epidemiologische studies laten een relatie zien tussen een lage calciuminname en pre-eclampsie. Deze observaties leidden tot de hypothese, dat het aantal gevallen van pre-eclampsie bij vrouwen met een lage calciuminname kan worden verminderd door suppletie met calcium. Een Cochrane review van 11 studies uitgevoerd onder 6894 vrouwen toont een reductie van 32% in de incidentie van pre-eclampsie aan door calciumsuppletie. Daarentegen verlaagde calciumsuppletie bij vrouwen met een toereikende calciuminname het risico op pre-eclampsie niet.

Hoog homocysteïnegehalte

Een te hoog homocysteïnegehalte in het bloed wordt in verband gebracht met een groot aantal zwangerschapsproblemen, zoals miskramen, vroeggeboortes, pre-eclampsie, groeivertraging, een laag geboortegewicht en aangeboren afwijkingen bij de baby, zoals een open ruggetjes, aangeboren hartafwijkingen, hazenlip, open schedel en het syndroom van Down. In de Hordalan Homocysteine Studie is gekeken naar de relatie tussen homocysteïne en pre-eclampsie. Hieruit bleek dat de vrouwen met de hoogste homocysteïnewaardes 32% meer risico hadden op het ontwikkelen van pre-eclampsie dan vrouwen met de laagste homocysteïnewaardes. Als bovengrens voor een normale homocysteïnegehalte wordt in Nederland vaak een (nuchtere)waarde van 12-16 micromol per liter gehanteerd. Het blijkt hier echter niet te gaan om een grenswaarde waarboven een schadelijk effect te verwachten valt. Elke stijging boven een ideale waarde van rond de 6 laat het risico op gezondheidsproblemen verder stijgen. 

Oxidatieve stress

Eén van de ontregelingen die bij pre-eclampsie een belangrijke rol speelt, is de verhoogde oxidatieve stress. Oxidatieve stress ontstaat wanneer de hoeveelheid reactieve zuurstofdeeltjes (ROS) de natuurlijke anti-oxidantcapaciteit van het lichaam overstijgt. Voeding kan de mate van oxidatieve stress op een aantal manieren beïnvloeden. Het kan het aanbod van vrije radicalen en anti-oxidanten in het lichaam verhogen of verlagen. Daarnaast kan het een bron zijn van grondstoffen voor de productie van geoxideerde vetzuren. Een vetrijke voeding, vooral rijk aan meervoudig onverzadigde vet, verhoogt namelijk de productie van geoxideerde vetzuren, de lipideperoxides.
In een aantal studies zijn de malondialdehydeconcentraties in het bloed van vrouwen met pre-eclampsie gemeten. Malondialdehyde is een marker voor de hoeveelheid oxidatieve stress. De concentratie bleek bij deze vrouwen duidelijk verhoogd.

Anti-oxidanten

De hoeveelheid oxidatieve stress wordt o.a. beïnvloed door de hoeveelheid anti-oxidanten in het lichaam. Uit diverse onderzoeken komt naar voren dat vrouwen met pre-eclampsie verlaagde bloedspiegels van vitamine C hebben. Het vitamine E-gehalte blijkt bij deze groep vrouwen in sommige studies verlaagd te zijn, maar niet in alle studies. Onduidelijk is nog of de verlaagde vitamine C- en E-gehaltes een oorzaak of gevolg zijn van pre-eclampsie. Er is meer onderzoek nodig naar de rol van anti-oxidanten bij het ontstaan en het behandelen van pre-eclampsie.

Verstoorde vetzuurbalans

Vanwege de effecten van vetzuren op de endotheelfunctie van de bloedvaten, bloedstolling en bloedplaatjes is er bij onderzoekers veel aandacht voor de rol van vetzuren bij pre-eclampsie.
In een aantal onderzoeken komt naar voren dat zwangere vrouwen met een hoge inname van omega-6 vetzuren meer risico lopen om later pre-eclampsie te ontwikkelen. Het vermoeden is dat de omega-3 vetzuren uit vette vis juist een preventieve werking hebben. Omega-3 vetzuren spelen niet alleen een rol bij de vorming van foetaal weefsel, maar zou ook de prostagladinesynthese kunnen veranderen ten voordele van de vaatverwijdende en bloedverdunnende eicosanoïden. Studies naar omega-3 vetzuren lieten zien dat vrouwen met pre-eclampsie lagere waardes omega-3 vetzuren EPA, DHA en ALA in de rode bloedcellen hadden dan vrouwen zonder pre-eclampsie. Ook hierbij is de vraag of de verhoogde omega-6 vetzuurwaardes en de verlaagde omega-3 vetzurenwaardes oorzaak of gevolg van de pre-eclampsie zijn. Tot op heden hebben studies met de suppletie van visolie al of niet in combinatie met teunisbloemolie of borageolie tijdens de zwangerschap geen risicoverlagend effect laten zien. Meer onderzoek is nodig om meer duidelijkheid te krijgen over de rol van omega-3 en 6 vetzuren bij het voorkomen van pre-eclampsie.

Overgewicht

Een te hoog lichaamsgewicht tijdens de zwangerschap verhoogt het risico op gezondheidsproblemen bij moeder en kind, waaronder (pre-)eclampsie. Bij overgewicht is er veelal sprake van hyperinsulinisme/insulineresistentie en verhoogde oxidatieve stress. Beiden zijn een risicofactor voor (pre-)eclampsie.

Hyperinsulinisme, insulineresistentie en diabetes-type 2

Hyperinsulinisme, insulineresistentie en diabetes-type 2 zijn een onafhankelijke risicofactor voor het ontstaan van pre-eclampsie. Deze aandoeningen gaan bovendien gepaard met verhoogde oxidatieve stress en veelal een verhoogde bloeddruk en homoysteïnegehalte, waardoor het risico verder stijgt.

Probiotica

Gebruik van probiotica kan het risico op pre-eclampsie mogelijk verlagen. In één studie is gekeken naar het effect van inname van probiotica op de kans op pre-eclampsie. Hiertoe werden 33.399 moeders tijdens hun eerste zwangerschap gevolgd tussen 2002 en 2008. Middels een vragenlijst werd de consumptie van zuivelproducten met probiotica bepaald. In deze periode waren in Noorwegen (waar de studie werd uitgevoerd) twee van dergelijke producten verkrijgbaar: één met de stammen L. acidophilus LA-5, B. lactis Bb12, en L. rhamnosus GG en één met L. acidophilus LA-5 en B. lactis Bb12. De kans op het ontwikkelen van preeclampsie was 21% lager bij dagelijks gebruik van deze producten. De grootste invloed bestond op de kans op ernstige pre-eclampsie: deze was 25% lager bij wekelijks gebruik van één van deze producten, en bij dagelijks gebruik zelfs 39% lager.
In een andere studie is gekeken naar de invloed van yoghurt met L. acidophilus LA-5 en B. lactis Bb12 op insulineresistentie. Hierbij bleek dat vrouwen die deze probiotica gebruikten minder toename hadden van de hoeveelheid insuline in het bloed. Hyperinsulinisme is een risicofactor voor het ontstaan van pre-eclampsie. Verminderde toename van de hoeveelheid insuline betekent daarom minder risico op pre-eclampsie.

Praktische tips ter preventie van pre-eclampsie

Om het risico op pre-eclampsie te verlagen kun je zelf de volgende maatregelen nemen:
1.Houd je gewicht in balans.
Door de BMI te berekenen van voor de zwangerschap is er een globale richtlijn te geven voor een gezonde gewichtstoename tijdens een eenling-zwangerschap. De BMI kun je berekenen door je gewicht voor de zwangerschap te delen door de lengte maal de lengte.
BMI <18.5 Gezonde gewichtstoename: 12.5-18 kg
BMI 18.5-25 Gezonde gewichtstoename: 11.5-16 kg
BMI 25-30 Gezonde gewichtstoename:7-11.5 kg
BMI >30 Gezonde gewichtstoename:5-9 kg
Is je gewichtstoename meer dan wenselijk? Kijk dan voor praktische tips naar de informatie bij punt 2.
2.Voorkom hyperinsulinisme/insulineresistentie.
Onderstaande klachten en kenmerken wijzen op mogelijke problemen in de insulinehuishouding:
-Overgewicht, grote gewichtstoename tijdens de/een eerdere zwangerschap
-Eerdere kinderen met een hoog geboortegewicht
-Diabetes, zwangerschapsdiabetes
-Hoge bloeddruk
-Verhoogd cholesterol en/of triglyceriden, verlaagd HDL-cholesterol
-Energiedips of sterke zoetbehoefte vlak voor of na de maaltijd
Herken je één of meerdere van bovenstaande kenmerken?
Dan kan een natuurlijke, nutrientrijke voeding met een lage glycemische index en voldoende lichaamsbeweging de insulinehuishouding in balans brengen en houden. Voor praktische tips en persoonlijk advies raadpleeg een natuurdietist.
3.Voorkom een tekort aan vitamine D.
Een tekort aan vitamine D komt in Nederland regelmatig voor. De behoefte aan vitamine D stijgt tijdens de zwangerschap. Daarom raadt de Nederlandse Gezondheidsraad alle zwangere vrouwen aan om minimaal 400 IE vitamine D gedurende de hele zwangerschap te gebruiken. Deze hoeveelheid blijkt in de praktijk voor niet alle zwangeren voldoende te zijn. Zo zag vitamine D-expert dr. Hollis in zijn onderzoek bij zwangere en borstvoedende vrouwen  in de VS dat veel vrouwen wel 2000-4000 IE vitamine D per dag nodig hadden om een voldoende hoge vitamine D-spiegel te realiseren. Het is daarom aan te bevelen eerst je vitamine D spiegel via je arts of natuurdiëtist te laten bepalen om hiermee de optimale dosering vitamine D vast te stellen. Een ideale vitamine D spiegel ligt op 80 nanomol of hoger.
4.Gebruik voldoende calcium.
Tijdens de zwangerschap heeft u ongeveer 1000 mg calcium per dag nodig ter ondersteuning van de bloeddrukregulatie, werking van het zenuwstelsel, de botopbouw en het gebit van u en uw baby én de preventie van pre-eclampsie. Rijk aan calcium zijn o.a. groene groenten, koolsoorten, noten, zaden, tofu, melk en melkproducten en calciumverrijkte soja-, noten- en granenmelken. Gebruikt u weinig tot geen zuivelproducten dan krijgt u mogelijk te weinig calcium naar binnen. Vraag hiervoor dan advies aan een natuurdiëtist.
5.Laat uw homocysteïnegehalte controleren.
Om deze risicofactor uit te sluiten kunt u via uw arts of diëtist het homocysteïnegehalte in uw bloed laten bepalen. Voor een betrouwbare uitslag en een volledig beeld moet het bloed nuchter worden afgenomen en bij voorkeur de vitamines B6, B12 en foliumzuur mee worden bepaald. Bij een waarde boven de 6 is het zinvol om een natuurdiëtist om een homocysteïneverlagend advies te vragen.
6.Voorkom te veel oxidatieve stress.
Gebruik een anti-oxidantrijke voeding en vermijd voedingsmiddelen die oxidatie stimuleren.
Een aantal belangrijke anti-oxidanten zijn superoxide-dismutase (SOD), katalase, glutathionperoxidase (GPX), vitamine C en E, glutathion, selenium, zink, carotenoïden en flavonoïden.
Rijk aan deze voedingsstoffen zijn o.a. ongebrande noten en zaden, volle granen, uien, knoflook, asperge, avocado, schelp- en schaaldieren, koolsoorten, citrusfruit, bessen, tarwekiemen, oranje, geel en rood gekleurde groenten- en fruitsoorten (o.a. rode, gele en oranje paprika, wortel, pompoen, gele courgette, appel, abrikoos, perzik en citrusfruit), bessen, druiven, groene thee, uien, knoflook, rozemarijn, geelwortel en gember.
Maatregelen om oxidatieve stress door voeding te voorkomen zijn het vermijden van alcohol en het zo min mogelijk bakken, braden, frituren en roerbakken van uw eten. Vermijd daarbij zoveel mogelijk gerookte, gefrituurde of gebrande producten, zoals gerookte vis, chips en gebrande noten.
Gebruik oxidatieve stressbeperkende kooktechnieken, zoals stomen, stoven, smoren, koken en blancheren. Zie voor recepten het boek Energieherstelplan en mijn E-brochures Geneeskrachtig koken Recepten Energieherstelplan, Deze zijn te bestellen via mijn webshop www.dieetcare-webshop.nl.
Verder kun je je oxidatieve stress-niveau en antioxidantstatus via je natuurdiëtist, natuurarts of orthomoleculair therapeut laten bepalen door meting van het MDA in urine of bloed en glutathion, vitamine C, E, zink, selenium in het bloed. 
7.Beperk de inname van omega-6 vetzuren.
Een verminderde omega-6 vetzuurinname verlaagt de hoeveelheid oxidatieve stress en verhoogt de verhouding tussen omega-3 en 6 vetzuren. Alhoewel er nog meer onderzoek nodig is naar de precieze relatie tussen omega-3 en 6 vetzuren en pre-eclampsie kan het geen kwaad om alvast de vetzuursamenstelling van de voeding te optimaliseren. Gebruik daarom geen dieet- of reformmargarines op brood. 
Gebruik geen omega-6 rijke oliesoorten bij de bereiding van de maaltijden, zoals zonnebloemolie, rijstkiemolie, maiskiemolie, saffloerolie, tarwekiemolie of hazelnootolie. 
Gebruik hiervoor in de plaats op brood roomboter, om (af en toe in) te bakken milde olijfolie, roomboter of kokosolie en zo koud over groenten en salades koudgeperste olijfolie, lijnzaadolie, hennepzaadolie en walnotenolie. 
Pas ook op met producten waarin grote hoeveelheden omega-6-rijke oliesoorten zijn toegevoegd, zoals sauzen, vloeibare bak- en braadproducten, kazen met plantaardige oliën etc. 
Je lichaam heeft wel een kleine hoeveelheid van het omega-6 vetzuur linolzuur nodig om goed te functioneren. 1-2 Eetlepels ongebrande noten of zaden, 1 eetlepel koudgeperste sesam- of lijnzaadolie per dag levert voldoende omega-6 vetzuren om de minimale behoefte te dekken.
8.Gebruik volop producten rijk aan omega-3 vetzuren.
Omega-3 vetzuren verhogen de productie van eicosanoïden met een vaatverwijdende en bloedstollingremmende werking. Ze maken het lichaam gevoeliger voor insuline en verminderen hiermee insulineresistentie. Rijk aan omega-3 vetzuren zijn vette vis (zalm, haring, makreel, sardines), (koudgeperste) lijnzaad(olie), chiazaad, (koudgeperste) hennepzaad(olie, (koudgeperste) en walnoten(olie). 
Voorkom oxidatie van deze kwetsbare vetten door de oliesoorten in de koelkast te bewaren. Verhit deze oliën nooit, maar gebruik ze koud over het eten heen. Kies voor ongebrande noten en zaden. Maak vis klaar door middel van stomen, stoven of bereid het in de oven. Bak, frituur of rook vis bij voorkeur niet.
Daarnaast zijn er via je natuurarts, orthomoleculair therapeut of natuurdiëtist speciale bloedtests beschikbaar waarbij de vetzuurbalans in je lichaam kan worden bepaald. Aan de hand van de uitslag van deze test kan er een vetzuuradvies op maat worden gemaakt.
9.Rook niet (mee).

Meer informatie en advies

Meer informatie over een gezonde voeding voor moeder en kind tijdens de zwangerschap vind je in de brochure Natuurlijke voeding tijdens de zwangerschap en in de syllabus voor professionals Natuurlijke voeding bij een zwangerschap(swens). Deze zijn te bestellen via mijn webshop www.dieetcare-webshop.nl.

Voor een meer persoonlijk advies: Raadpleeg een natuurdiëtist gespecialiseerd in voeding en zwangerschap bij je in de buurt.

Met dank aan Erik van Klaarwater, Solgar Vitamins voor het beschikbaar stellen van zijn artikel en wetenschappelijke referenties.


Referenties:

Anne Lise Brantsæter, Ronny Myhre, Margaretha Haugen, Solveig Myking, Verena Sengpiel, Per Magnus, Bo Jacobsson, and Helle Margrete Meltzer. Intake of Probiotic Food and Risk of Preeclampsia in Primiparous Women: The Norwegian Mother and Child Cohort Study. Am. J. Epidemiol., 2011; 174: 807 – 815
Artsenwijzer Dietetiek, 4e herziene druk mei 2010, Nederlandse Vereniging Van Dietisten.
Backes CH, Markham K, Moorehead P, Cordero L, Nankervis CA, Giannone PJ. Maternal preeclampsia and neonatal outcomes. J Pregnancy. 2011;2011:214365Duley L. Pre-eclampsia and the hypertensive disorders of pregnancy. Br Med Bull. 2003;67:161–176
Carty DM, Delles C, Dominiczak AF. Preeclampsia and future maternal health. J Hypertens. 2010;28:1349–1355
Fariba Aghajafari, Tharsiya Nagulesapillai, Paul E Ronksley, Suzanne C Tough, Maeve O’Beirne, and Doreen M Rabi. Association between maternal serum 25-hydroxyvitamin D level and pregnancy and neonatal outcomes: systematic review and meta-analysis of observational studies. BMJ 2013; 346: f1169
Freeman DJ, McManus F, Brown EA, Cherry L, Norrie J, Ramsay JE, Clark P, Walker ID, Sattar N, Greer IA. Short- and long-term changes in plasma inflammatory markers associated with preeclampsia. Hypertension. 2004;44:708–714
Ghulmiyyah L, Sibai B. Maternal mortality from preeclampsia/eclampsia. Semin Perinatol. 2012;36:56–59
Harsem NK, Braekke K, Staff AC. Augmented oxidative stress as well as antioxidant capacity in maternal circulation in preeclampsia. Eur J Obstet Gynecol Reprod Biol. 2006;128:209–215
Hollis BW. Vitamin D requirement during pregnancy and lactation. J. Bone Miner. Res. 2007;22(2):V39–V44
Hubel CA, Roberts JM, Taylor RN, Musci TJ, Rogers GM, McLaughlin MK. Lipid peroxidation in pregnancy: new perspectives on preeclampsia. Am J Obstet Gynecol. 1989;161:1025–1034
Mehendale S. et al, Int. Journal of Gynecology & Obstetrics vol 100, issue 3, 2008: 234-238
Redman CW, Sargent IL. Placental stress and pre-eclampsia: a revised view. Placenta. 2009;30 :S38–S42
Redman CW, Sacks GP, Sargent IL. Preeclampsia: an excessive maternal inflammatory response to pregnancy. Am J Obstet Gynecol 1999;1800:499–506
Roberts J.M. et al, Nutrient Involvement in preeclampsia, J. Nutr. May 1 2003; 5: 1684S-1692S.
CJ Robinson, MC Alanis, CL Wagner, BW Hollis, and DD Johnson. Plasma 25-hydroxyvitamin D levels in early-onset severe preeclampsia. Am J Obstet Gynecol, October 1, 2010; 203(4): 366.e1-6
CJ Robinson, CL Wagner, BW Hollis, JE Baatz, and DD Johnson. Maternal vitamin D and fetal growth in early-onset severe preeclampsia. Am J Obstet Gynecol, June 1, 2011; 204(6): 556.e1-4
Theresa O Scholl, Xinhua Chen, and T Peter Stein. Vitamin D, secondary hyperparathyroidism, and preeclampsia. Am J Clin Nutr 2013;98:787-793
Teran E, Escudero C, Moya W, Flores M, Vallance P, Lopez-Jaramillo P. Elevated C-reactive protein and pro-inflammatory cytokines in Andean women with pre-eclampsia. Int J Gynaecol Obstet. 2001;75:243–249
Vollset S.E. et al, Plasma total homocysteine, pregnancy complications, and adverse pregnancy outcomes: the Hordaland Homocysteine Study, Am. J. Clin. Nutr. 2000;71: 962-8